DE ZOUTTOCHT
Thuis
Ontheemd schuurtje
Verweesd huisje Zoutkamp
Ontmoetingen onderweg
Geschenken uitwisseling
Logboek
Contact/pers
Links

Ontmoeting op Urk
Vrijdag 4 juli werden we wakker op het Keteleiland. Een natuurgebied in de monding van de IJssel. Het weer had zich hersteld: zon en wind. We hebben heerlijk gekruist over het Ketelmeer. Na de Ketelbrug is er toch nog een rif gezet want de wind was stevig. We zagen Urk al een hele tijd in de zon liggen blinken, maar door het kruisen duurde het nog even voordat we aankwamen. Wij, Saskia, Pietsjanke en ik hebben ons tijdens het varen verkleed want de aankomst was wederom precies op tijd, om klokslag 15 uur lagen we aan wal.

Max, de fotograaf, Lucas de filmer en Saar, een nieuwe opstapper, stonden al op de kade.

De Urkers met wie we de ontmoeting zouden hebben kwamen mooi rustig aangewandeld. Drie mannen, een vrouw en twee kinderen waren in klederdracht. Nadat we hun het huisje in het ruim hadden laten zien en het een en ander over de tocht hadden verteld, liepen we door Urk naar de Ommelebommele Stien. Dit is een steen die in zee ligt en af en toe boven water komt. Het is de steen waar vaders met de vroemoer hun baby’s ophaalden met een roeiboot. De sleutel van de steen moest wel helemaal van Schokker komen. De moeder was thuis en kreeg spijkers door haar benen geslagen. Op Urk is deze mythe verbeeldt in een standbeeld die op de dijk ter hoogte van de steen staat. Nadat mijnheer Koffeman van het Urker Museum ons de mythe had verteld werd het geschenk overhandigd, het is een miniatuur van het echte beeld. Een roeiboot met een vader en de vroemoer met een kindje. Heel mooi. Maar ook het moment daar was goud; de zon, de wind, de heldere lucht en de aandacht van de mensen. Het werd nog mooier doordat een zanger met gitaar een lied zong over de botters en de kotters. De kotters zouden beter zijn en meer geld opleveren, maar de tevredenheid is minder geworden.

We liepen vervolgens naar de plek waar de huizen hebben gestaan die nu in het Zuiderzeemuseum staan. Evert Weerstand vertelde er zijn herinneringen over. Zijn bebbe (grootvader) woonde er. Die is na jaren visser te zijn geweest en vele stormen te hebben overleefd, groenteboer geworden. Eentje die met een kar door het dorp ging. Daarbij was hij ook dorpsomroeper. Een officiële functie door de gemeente aangesteld. De omroeper ging met een bel rond en kondigde de nieuwtjes maar ook bijvoorbeeld de koopjes aan.

Na deze verdwenen plek die we allemaal voor de geest kregen, gingen we naar het Urker Museum waar wij, nadat ik een tekst had voorgelezen, onze schilderijen hebben overhandigd aan de oude visser Pieter Gerssen. De man die goed kon ‘roeien’ omdat hij acht kinderen had verwekt. Pietsjanke vertelde details over het interieur die zij had getekend en Pieter vulde het aan met zijn herinneringen.

’s Avonds hebben we nog gewandeld op Urk. De schepen, de scheepswerf, het monument van de omgekomen vissers. Het jaar 1883 springt er duidelijk uit. Dat was een rampjaar voor de vissersgezinnen. We hebben over het kerkhof gewandeld. Geen groen en tierelantijnen, maar soberheid. Het viel Cees op dat er op de graven geen scheepssymboliek te zien was. Hier woonden vissers en geen schippers. Het verschil; schippers wonen echt met hun gezin op het schip. Vissers gebruiken hun schepen als een gereedschap. Hun gezin woont aan wal. terug

Naar geschenken.